Met elkaar spiegelende impressies
Een introductie op de bijdragen van Moya De Feyter, Rutger Emmelkamp & Miek Zwamborn, Luca Vanello en Mary Mattingly[1]
Ik zal jullie 4 bijdragen uit de website voorstellen.
- Het videogedicht Tumult van de auteur-dichter Moya De Feyter
- Vervolgens de proloog tot een brief aan een landschap van het kunstenaarskoppel Emmelkamp/Zwamborn – beiden zijn beeldend kunstenaars, Miek Zwamborn is ook schrijver
- Luca Vanello, kunstenaar en onderzoeker. Zijn bijdrage is een video waarin zich een ontmoeting voordoet tussen een houten kubus, een beker en een balpen.
- Mary Mattingly, een kunstenaar die steeds opnieuw onze omgang met het milieu bevraagt en op zoek gaat naar mogelijke transformaties. Op onze website bespreekt ze onder meer haar eco-topische bibliotheek, een databank vol actuele ecologische praktijken en documenten.
Uiteraard is het de bedoeling dat iedereen de werken zelf gaat opzoeken in deze website. In mijn bespreking laat ik me op sleeptouw nemen door de bijdragen en focus ik slechts op enkele punten die ik in de werken herken. Mijn aandacht gaat naar: kunst als een associatieveld (die nieuwe combinaties voorstelt en in ons wakker maakt); kunst als een zorg (de verschillende bijdragen delen met elkaar een gelijksoortige bezorgdheid) en tot slot kunst als artistiek onderzoek, waarbij gezocht wordt hoe de kunst aan de zorg een plek kan geven. Twee oriëntaties vallen hierbij op: een aandacht voor het effect van de realiteit op het subject, en het bevragen van de relaties tussen mensen, dingen, planten, dieren, …. zonder daarbij de mens voorop te stellen.
Het videogedicht van Moya De Feyter creëert nieuwe verbanden, door een montage van diverse beelden, en door nieuwe koppelingen tussen woorden en beelden. Zo spreekt Moya naar het einde van de film toe over een vlinderslag, terwijl er een kleurrijke, bewegende vloeistof te zien is. Deze montage zet zich verder in ieders eigen hoofd, aansluitend op het eigen mentale archief. Zo roept de titel Tumult bij mij een andere titel op, Kalme chaos, een boek over een rouwproces. Verschillende beelden uit het videogedicht doen me terugdenken aan de eerste films van de gebroeders Lumière en van Georges Méliès. De vlinderslag brengt de paukenslag van Van Ostaijen in herinnering. Bij Van Ostaijen ging het over de oorlog en bezetting. Hier dient zich een onrust en ontreddering aan in relatie tot onze biotoop, onze aarde, onze bossen,….
Ik hoor duidelijk een bezorgdheid in het gedicht weerklinken. Er passeren zinnen als: “Nog altijd geen contact gemaakt” en “Zou je een antwoord herkennen als je het zag.”
Beelden en inzichten flitsen voorbij in het filmische gedicht en breken in, in ieders persoonlijk mentaal archief. Verschillende denkers (Benjamin en later bijvoorbeeld Stiegler) wezen erop dat film onze geest binnendringt, meeneemt, verstrooit en ritmeert. De vraag is hoe dat gebeurt, hoe de kunst hier onze denkbeelden herformatteert. Moya de Feyter verwijst naar een gebied “tussen oorzaak en gevolg”, een poëtische tussenruimte. Misschien is dat het gebied waar de werkelijkheid ons raakt, en waar contacten voelbaar worden, zonder dat ze direct uitdrukbaar zijn. Dat is in eerste instantie verwarrend. Het zorgt voor tumult.
Miek Zwamborn en Rutger Emmelkamp leven op een Schots eiland, en zijn mee verantwoordelijk voor het hen omringende landschap. Ze zijn concièrges van de natuur. Voor de bijdrage aan onze website stelden ze zich de vraag hoe ze een brief zouden kunnen schrijven aan Tireregan, de plek waarop ze verblijven. Als we het hebben over een variëteit aan associaties, verbindingen en onverwachte combinaties, dan vinden we die hier in het landschap zelf terug. Of zoals Emmelkamp/Zwamborn het omschrijven: “Het is een archief van dode en levende soorten, sommige elementen zijn 414 miljoen jaar oud, andere slechts enkele seconden.” De natuur reikt ons zelf een montage aan.
En ook hier klinkt de zorg door in het aangesproken worden door de natuur. Zo lezen we: “Het schrijven van een brief aan een niet-menselijke entiteit brengt moeilijkheden met zich mee en het schrijven naar een biotoop is nog complexer. Wie aan te spreken? De oudste eik? De glaciale krassen? Het gekrioel onder de mosdeken? Of zullen we sapstroom adresseren in het vertrouwen dat de boodschap wordt doorgegeven. Elke keer dat we door Tireragan ploeteren, duiken er zoveel vragen op die geen van onze veldgidsen kan beantwoorden.”
De kunst van Emmelkamp en Zwamborn ent zich volledig op het landschap en verdwijnt er zelfs soms in. Miek Zwamborn, die naast beeldend kunstenaar ook schrijfster is, verlegt de grenzen van het talige om tot een verwoording van natuurfenomenen te komen. In een ander werk, het boek Wieren, toont ze hoe de planten ons hele culturele patrimonium weten te bespelen. We kunnen hier bijna spreken van een soort impressionisme, in de zin dat er op zoek gegaan wordt naar de indruk en afdruk die natuurfenomenen achterlaten. Maar misschien dienen we te spreken over een inter-impressionisme, omwille van het wederzijdse contact tussen mens en natuur, met elkaar spiegelende impressies.
De kunstenaar en artistiek onderzoeker Luca Vanello maakte een korte video, waarin enkel tekst te zien is. Daarin worden handelingen van en tussen een houten kubus, een beker en een balpen beschreven. Er zijn beschrijvingen van agressie, stress en grensoverschrijdend gedrag. Er valt het woord “slachtoffer.” Maar de beschrijvingen hebben enkel betrekking op de objecten. We worden zodoende verplicht ons naar de wereld der dingen te verplaatsen.
De menselijke acteur lijkt uitgewist. De menselijke actor krijgt geen tekst of die wordt niet aanvaard of geregistreerd. Zo verschijnt er bijvoorbeeld: “11 words, refused”… en later opnieuw “11 words again, refused”… dan weer “5 words, refused” …Ieder van ons kan binnen het scenario tot een eigen verbeelding komen van de objecten en van wat er zich precies heeft afgespeeld. We begrijpen dat zich hier een precaire situatie voordoet, maar wat er echt gaande is blijft ook verhuld.
Het scenario is gebaseerd op een therapeutische methode waarbij patiënten zaken naspelen met dingen, omdat ze niet gezegd kunnen worden. Vanuit een aandacht voor het niet-menselijke wordt aan een verdrongen kwetsbaarheid opnieuw een plek gegeven. Deze zienswijze kan ons verder inspireren om na te denken over de materialiteit eigen aan de dingen, de manier waarop zich ontmoetingen van stoffen, materialen voordoen in en tussen objecten. Het benadrukt ook de niet-neutraliteit van gemaakte dingen. Objecten nodigen uit en zetten aan tot handelen. En aldus bekeken wordt de mens eerder het verlengde van het ding, dan andersom. Er zit een uitnodiging en aansporing tot een scenario in de dingen zelf.
Tot slot breng ik jullie naar de bijdrage van de Amerikaanse kunstenares Mary Mattingly, waarin ze onder meer haar eco-topische bibliotheek presenteert. Mattingly stelt de wijze waarop we onze water- en voedselvoorzieningen actueel hebben vormgegeven in vraag. Ze zoekt naar denkwijzen, praktijken, en voorstellingswijzen die aanzetten tot het nemen van sociale verantwoordelijkheid en het realiseren van ecologisch herstel. Voor haar eco-topische bibliotheek bijvoorbeeld vroeg ze aan kunstenaars, theoretici, wetenschappers, activisten, …. om haar voorwerpen, boeken, methodes en instrumenten te bezorgen die als inspiratie kunnen dienen om een andere, meer ecologische verhouding te realiseren. Steeds opnieuw wordt hier bevraagd hoe we het wonen kunnen vormgeven vanuit een oprechte verhouding tot de plek waar we ons bevinden.
Maar ook bij Mattingly klinkt er bezorgdheid. Ze vraagt zich af: “How can artists ask folks to collectively dream when we can’t fathom what it will take to live outside of current cultural and ecological realities?”
Mary Mattingly toont, bevraagt en ontwerpt levensstijlen. Ze maakt de bestaande sociale infrastructuur zichtbaar, brengt die in beeld, maar ontwerpt ook nieuwe verbeeldingen. Daarbij zet ze ook zichzelf en haar eigen levenswijze op het spel. Zo heeft ze onder meer haar eigen bezittingen tot een minimum teruggebracht. Als kunstenaar-activist maakt Mary Mattingly niet alleen de scripts zichtbaar van de infrastructuur die ons leven bepaalt, maar toont ze ook hoe je die kan herschrijven.
Bij wijze van slot, heb ik de uitingen van zorg die ik in de verschillende bijdragen tegenkwam bij elkaar geplaatst.
- Nog altijd geen contact gemaakt.
- Zou je een antwoord herkennen als je het zag.
- Het schrijven van een brief aan een niet-menselijke entiteit brengt moeilijkheden met zich mee en het schrijven naar een biotoop is nog complexer. Wie aan te spreken? De oudste eik? De glaciale krassen? Het gekrioel onder de mosdeken? Of zullen we sapstroom adresseren in het vertrouwen dat de boodschap wordt doorgegeven. Elke keer dat we door Tireragan ploeteren, duiken er zoveel vragen op die geen van onze veldgidsen kan beantwoorden.
- 11 words again, refused.
- How can artists ask folks to collectively dream when we can’t fathom what it will take to live outside of current cultural and ecological realities?
Samen openen ze mijns inziens een ruimte om verder na te denken over kwetsbaarheid. Een problematisering van zorg.
Tot dusver een korte doorloop van 4 bijdragen. Zoals gezegd, het echte werk bevindt zich op de site.
↑1 | Deze tekst maakte deel uit van de online lancering van de website op 24 november 2021. Toen werden voor de eerste maal de verschillende bijdragen voorgesteld. |
---|